Chinese filosofie, Whitehead’s procesdenken en de natuurwetenschappen (7) PDF Print E-mail

Chinese filosofie, Whitehead’s procesdenken en de natuurwetenschappen

- over procesdenken in het Westen en in het klassieke en moderne China

16 oktober 2010 - Jan Engberts samen met René Ransdorp

Tijdens het eerste deel van het programma zal René Ransdorp illustreren dat de daoïstische filosofie een inspiratiebron kan zijn voor een denken en spreken in termen van processen. De metafoor van de “weg”, waaraan de daoïstische filosofie haar naam ontleent, bevat reeds de idee dat Dao te beschouwen is als een dynamisch beginsel dat werkzaam is binnen alle veranderingsprocessen in het natuurgebeuren. Als de zich voortdurend aanpassende “verbindingsweg” tussen de “tienduizend dingen” staat Dao tegelijk model voor een basisattitude van souplesse in denken en handelen. Dat zal worden verhelderd aan de hand van een andere krachtige metafoor, die van het “water”.

In het tweede onderdeel van het programma zal Jan Engberts mechanistisch materialisme (de natuurwetenschappen), pure metafysica (de klassieke Chinese filosofie) en wetenschappelijke metafysica (Whitehead’s procesfilosofie) naast elkaar stellen en met elkaar vergelijken. Deze drie denkrichtingen zijn het best te beschrijven als procesdenken: de wereld kan beter worden begrepen in termen van veranderingen of processen dan op basis van stabiele substanties. Relevante vragen die niet door de natuurwetenschappen kunnen worden beantwoord, vragen om een metafysica die niet in strijd is met onze natuurwetenschappelijke inzichten en die spoort met onze directe ervaringen. Zowel in China als in het Westen geeft het procesdenken hiervoor een mogelijkheid.

 
Korte samenvatting middag:

In zijn hoorcollege stelt Jan Engberts drie punten aan de orde, waarvan de argumenten worden gepresenteerd.
De moderne natuurwetenschappen, de klassieke Chinese filosofie en de filosofie van A.N.Whitehead kunnen alle worden gekarakteriseerd als voorbeelden van procesdenken. De basisstelling is dat verandering belangrijker is dan stabiliteit. Een onvermijdelijke conclusie is dan dat procesdenken superieur is aan mechanistisch materialisme of logisch positivisme.
Een bevredigend beeld van de structuur en dynamica van de ons omringende wereld vereist, naast een fysische, ook een metafysische onderbouwing van ons denken. De drie gebieden van de natuurwetenschappen, i.e. het zeer kleine (de microwereld), het zeer grote (de cosmologie) en het zeer complexe (de levensprocessen) roepen vragen op die niet alleen met een natuurwetenschappelijke aanpak zijn te beantwoorden.
De voordracht eindigt met de stelling dat “culturele” verschillen tussen de moderne natuurwetenschappen, het klassieke Chinese denken, en het procesdenken van Whitehead in relatie kunnen worden gebracht met recente inzichten in lateralisatie van het menselijk brein.

(Jaarthema 2010 - Wetenschap en spiritualiteit)


Jan B.F.N.Engberts